Het atelier

Poster of kunstreproductie: zeven verschillen die je aan de muur ziet

Een poster en een kunstreproductie tonen hetzelfde schilderij. Het verschil zit in alles eromheen: het papier, de inkt, de manier waarop het blad in de lijst zit, de verhouding, de oplage, de lijst zelf en de handen die het maakten. Een poster is gemaakt om een seizoen te hangen en dan te worden vervangen. Een kunstreproductie is gemaakt om decennia te blijven. Hieronder staan de zeven verschillen op een rij, met wat willem. bij elk van die zeven doet.

1. Het papier

Een poster wordt gedrukt op papier van 150 tot 200 gram met houtvezel erin. Dat papier vergeelt binnen enkele jaren en wordt bros. Bij willem. is het papier Hahnemühle Museum Etching van 350 gram, honderd procent katoen, zuurvrij en zonder lignine. Katoen vergeelt niet en blijft stabiel bij wisselende luchtvochtigheid. Hahnemühle maakt papier sinds 1584.

2. De inkt

Een poster wordt in offset gedrukt, in oplagen van duizenden, met inkt die niet lichtecht is. Een kunstreproductie wordt per stuk gedrukt met pigmentinkt: vaste kleurdeeltjes die op het papier blijven liggen en hun kleur tientallen jaren houden. Bij willem. komt die inkt uit een Epson SureColor P9300 met tien pigmentinkten, met een kleurprofiel dat speciaal voor deze combinatie van inkt en papier is gemeten.

3. De bevestiging

Een poster wordt volvlaks opgeplakt of met dubbelzijdig tape vastgezet. Papier dat vastzit gaat werken zodra de luchtvochtigheid verandert; daar komt het golven vandaan. Bij willem. hangt het blad vrij, bevestigd langs de bovenrand met kleine hinges van Japans papier en tarwezetmeellijm. Dat is de methode die musea al tweehonderd jaar aanhouden voor werk op papier. De lijm laat met water weer los, zodat een restaurator het blad later zonder schade uit de lijst kan nemen.

4. De verhouding

Een poster wordt bijgesneden tot een standaardformaat, A2 of 50 bij 70. Van een schilderij verdwijnt dan een rand die de schilder er bewust in zette. Bij willem. wordt elk werk gedrukt in de verhouding van het origineel, in drie formaten die daarvan zijn afgeleid. De maat van het origineel en het museum staan op elke werkpagina.

5. De oplage

Van een poster bestaan er zoveel als er worden besteld. Bij willem. bestaan van elk werk honderd exemplaren. Elk exemplaar krijgt bij bestelling een nummer, bijvoorbeeld 23/100, wordt met de hand gesigneerd en komt met een certificaat. Een nummer wordt nooit opnieuw uitgegeven; is de oplage vol, dan gaat het werk uit de collectie.

6. De lijst en het glas

Een poster komt los, of in een lijst met glas dat het licht van het raam tussen jou en het beeld legt. Bij willem. hangt elk werk in een smalle, matzwarte aluminium lijst zonder glas. Je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld. De lijst zit in de prijs, net als de bezorging aan huis.

7. Wie het in handen had

Een poster wordt buiten Europa gedrukt en per container verscheept; niemand heeft hem gezien voordat hij bij jou lag. Bij willem. wordt je werk pas gedrukt nadat je het hebt verworven, in één atelier in Nederland, op één drukdag per week. Daarna droogt het zeven dagen, krijgt het een matte beschermlaag, gaat het in de lijst en wordt het gesigneerd. Drukken, coaten, inlijsten en signeren doet dezelfde persoon.

Wat je hieraan hebt

Vraag bij elke aanbieder naar deze zeven punten: papier, inkt, bevestiging, verhouding, oplage, lijst en atelier. Wie ze niet kan beantwoorden, verkoopt een poster onder een andere naam. Wil je de verschillen naast elkaar zien, kijk dan op de pagina waarom willem.. Wil je de werken zelf bekijken, begin dan bij de kunstenaars: van Rembrandt tot Mondriaan, elk werk met de maat en het museum van het origineel erbij.