Irissen van Vincent van Gogh hoort bij een reeks van vier bloemstillevens die hij in mei 1890 in Saint-Rémy schilderde. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
Irissen (1890)
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
Irissen (1890) (Les Iris), 1890
stilleven · 92,7 × 73,9 cm (36,5 × 29,1 in)
Post-Impressionisme
Van Gogh Museum, Amsterdam
Catalogustekst
In zijn laatste weken in de kliniek bij Saint-Rémy schilderde Vincent van Gogh in mei 1890 een bos irissen in een vaas: Irissen, nu in het Van Gogh Museum in Amsterdam. De paarse bloemen staan tegen een felgele achtergrond, boven een smalle tafelrand. Het doek meet 92,7 bij 73,9 cm. Van Gogh maakte het als een van vier bloemstillevens, twee met irissen en twee met rozen, vlak voordat hij de inrichting verliet.
De opzet is een studie in kleurcontrast. Het paars van de irissen en de bladeren botst met het geel van de achtergrond, een tegenstelling die Van Gogh bewust opzocht om de bloemen scherper te laten spreken. De verf ligt in stevige, gerichte toetsen, en de stelen en bladeren zijn met snelle halen neergezet. Voor het paars mengde hij een rode lakverf door het blauw. Die rode verf is in de loop van de tijd vervaagd, waardoor de irissen nu blauwer ogen dan hij ze bedoelde.
Binnen het oeuvre hoort dit stilleven bij het Post-Impressionisme, de stroming die kleur en toets losmaakte van een natuurgetrouwe weergave. Van Gogh bedoelde de irissen en de rozen als pendanten, rustige tegenhangers van de onrust in zijn late landschappen. Na zijn dood kwam het werk via zijn broer Theo bij diens weduwe Jo van Gogh-Bonger terecht.
Het stilleven bevindt zich nu in het Van Gogh Museum in Amsterdam. Bij willem. is Irissen te verwerven als kunstreproductie in een oplage van honderd genummerde exemplaren, op aanvraag gedrukt in ons eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
Het post-impressionisme bouwde in de late negentiende eeuw voort op het impressionisme, maar zocht meer structuur en zeggingskracht. Kleur werd zelfstandig ingezet, los van de natuurlijke tint, de toets nadrukkelijk en de vorm vereenvoudigd. Gevoel en idee wogen weer volop mee. De schilders wilden niet langer alleen het licht van een moment vangen, maar het beeld een eigen, blijvende opbouw geven.
In deze verzameling staan Vincent van Gogh en Paul Gauguin voor die stap. Van Gogh bracht de verf in dikke, wervelende streken aan en liet de kleur het gevoel dragen. Gauguin werkte in grote, vlakke kleurvlakken en zocht een eenvoudiger, symbolische vorm. Hun werk vormde de brug tussen het impressionisme en de moderne kunst en inspireerde de expressionisten en de fauves die na hen kwamen.
Wie het post-impressionisme herkent, let op de zelfstandige, vaak onnatuurlijke kleur, de nadrukkelijke toets en de vereenvoudigde, stevige vorm. De term bundelt kunstenaars die ieder een eigen weg gingen, maar de waarneming achter zich lieten om het beeld op te bouwen. Hun vondsten vormden het vertrekpunt voor vrijwel alle stromingen van de vroege twintigste eeuw. Het verschil met het impressionisme is de rol van de waarneming: die blijft het vertrekpunt, maar is niet langer het doel.
Bron: Van Gogh Museum, Amsterdam.


