Bloementuin toont de dichtbegroeide boerentuin die Gustav Klimt rond 1905 aan de Attersee schilderde, een vierkant doek zonder horizon dat zich met bloemen vult. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
Bloementuin
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
Bloementuin (Bauerngarten (Blumengarten)), ca. 1905–1907
Landschap · 110 × 110 cm (43,3 × 43,3 inch)
Jugendstil
Privécollectie, onbekend (privécollectie)
Catalogustekst
In de boerentuin van de Mayr-Hof in Litzlberg am Attersee schilderde Gustav Klimt tussen ongeveer 1905 en 1907 deze Bloementuin. Hij bracht de tuin in olieverf op doek aan, op een vierkant formaat van 110 bij 110 centimeter. Het beeld toont een dichte piramide van klaprozen, margrieten, zinnia's en rozen die tegen een dicht groen veld opklimt. Een horizon ontbreekt; het doek vult zich volledig met bloemen en blad.
Klimt koos een hoog en nabij standpunt, waardoor de tuin als een gesloten vlak voor de kijker staat. De bloemen zijn gelijkmatig over het doek verdeeld, zonder een enkel middelpunt dat de blik vasthoudt. Kleine, heldere kleurvlekken liggen dicht opeen tegen het diepe groen, zodat het oppervlak op een tapijt of mozaïek gaat lijken. De toets is klein en regelmatig; het licht valt egaal, zonder uitgesproken schaduw. Deze uitsnede zonder lucht of grond keert terug in de vierkante landschappen die Klimt in dezelfde jaren aan de Attersee maakte.
Binnen het oeuvre hoort het werk bij de reeks tuinen en landschappen die Klimt tijdens zijn zomers aan de Attersee vastlegde, verwant aan de Wiener Secession en de Jugendstil waarin hij het decoratieve vlak boven het perspectief stelde. Het is te onderscheiden van zijn Bauerngarten mit Sonnenblumen, waar hoge zonnebloemen de compositie dragen; hier voert de dichte massa van gemengde bloemen de boventoon. Het doek hing van 1910 tot 1968 in de Národní galerie in Praag en kwam daarna weer in particulier bezit. In 2017 bracht het bij een veiling in Londen een recordbedrag op.
Vandaag maakt Bloementuin deel uit van een particuliere collectie en is het zelden openbaar te zien. Bij willem. wordt het als kunstdruk in beperkte oplage uitgevoerd, op aanvraag gedrukt in het eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
De Jugendstil kwam rond 1900 op in heel Europa, onder namen als art nouveau en Wiener Secession. De stroming maakte van de vloeiende, golvende lijn het hart van het beeld. Planten, haren en ornament kronkelen in sierlijke vormen over het vlak, waarbij kunst en sierkunst in elkaar overlopen. Vorm en versiering wegen er zwaarder dan de diepte, zodat het beeld vlak en decoratief wordt opgebouwd.
In deze verzameling staan Gustav Klimt en Jan Toorop voor de kracht van die lijn. Klimt bouwde zijn figuren en landschappen op uit vlakke, ornamentele patronen, in zijn gouden werken doorweven met bladgoud. Toorop trok fijne, golvende lijnen vol figuren, waarin de sierlijke lijnvoering uit zijn jeugd op Java doorklinkt. De Jugendstil verbond schilderkunst, grafiek en toegepaste kunst en legde de basis voor de moderne vormgeving.
Wie de Jugendstil herkent, let op de zwierige, ononderbroken lijn, op vlakke kleurvelden en op ornament dat uit de natuur is afgeleid. De stijl bloeide in de architectuur, het affiche en het sieraad even sterk als in de schilderkunst. Rond de Eerste Wereldoorlog ebde de mode weg, maar de nadruk op vorm en versiering bleef doorwerken in de latere vormgeving. De symbolisten deelden dezelfde jaren en soms dezelfde kunstenaars, zoals Toorop; het verschil is dat het symbolisme een idee wil verbeelden en de Jugendstil een vorm wil vervolmaken.
Bron: Belvedere, Wenen.


