Nevelzon van Leo Gestel toont een landschap waarin de zon door de ochtendnevel breekt, in 1910 geschilderd in zachte, gestippelde toetsen. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
Nevelzon
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
Nevelzon, 1910
Landschap · 73 × 106 cm (28,7 × 41,7 in)
Neo-impressionisme
Privécollectie, Onbekend
Catalogustekst
Nevelzon toont een vlak landschap in de vroege ochtend, waarin de zon als een bleke schijf door de nevel breekt. Leo Gestel schilderde het in 1910, in de jaren dat hij het Nederlandse landschap in gestippelde toetsen vastlegde. Het licht valt diffuus over de weiden, en de contouren van bomen en water lossen op in de damp. Er is geen scherpe horizon, alleen een geleidelijke overgang van grond naar lucht.
De opbouw berust op fijne, naast elkaar gezette toetsen die van dichtbij uiteenvallen en op afstand tot een trillend oppervlak samenkomen. Gestel bracht de kleur zuiver aan, in gebroken tinten roze, geel en grijsblauw, zodat de nevel niet als grauwe massa maar als gekleurd licht verschijnt. De zon vormt het enige heldere punt en trekt de blik naar het midden. Rondom worden de toetsen losser en koeler, waardoor de mist zich uitbreidt over het doek van 73 bij 106 centimeter.
Nevelzon behoort tot Gestels luministische landschappen, de neo-impressionistische fase waarin hij licht en atmosfeer boven de vaste vorm stelde. De fijne, gestippelde toets diende hier de weergave van het ochtendlicht, met kleur die van dichtbij in losse punten uiteenvalt. Het werk dateert uit 1910, het laatste jaar van deze periode. In 1911 reisde Gestel naar Parijs, waar het kubisme zijn schilderen in korte tijd veranderde.
De verblijfplaats van Nevelzon is niet met zekerheid gedocumenteerd; het werk bevindt zich in een particuliere collectie en is niet openbaar te bezichtigen. Bij willem. wordt Nevelzon als kunstdruk in beperkte oplage uitgevoerd, op aanvraag gedrukt in het eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
Het neo-impressionisme ontstond in de jaren tachtig van de negentiende eeuw als een strengere voortzetting van het impressionisme. De schilders bouwden het beeld op uit fijne stippen zuivere, ongemengde kleur. Die punten mengen zich pas in het oog van de kijker tot licht en vorm. De methode is systematisch en berust op de kleurenleer van die tijd; het resultaat is helder en trillend.
In deze verzameling staan Paul Signac, Henri-Edmond Cross en Jan Toorop voor deze stiptechniek, ook wel pointillisme genoemd. Signac en Cross brachten de kust en het zuiden in beeld, badend in zonlicht. Toorop paste de techniek een tijd toe op zijn Zeeuwse landschappen en zeegezichten. Het neo-impressionisme maakte van kleur een zaak van methode en licht, en bereidde de vrije kleur van de moderne kunst voor.
Wie het neo-impressionisme herkent, let op het regelmatige patroon van kleine, losse stippen en op de heldere, haast trillende kleur. De techniek vroeg geduld en berekening, waardoor elk doek langzaam en overwogen tot stand kwam. Al hield de strenge methode niet lang stand, de bevrijding van de kleur die zij inzette, werkte rechtstreeks door in het fauvisme en de vroege abstractie. Het verschil met het impressionisme is de methode: waar de impressionist de toets uit de hand laat komen, zet de neo-impressionist elke stip volgens de kleurenleer.
Bron: Kroller-Muller Museum.


