De sterrennacht van Vincent van Gogh ontstond in 1889 in de inrichting bij Saint-Rémy en is grotendeels uit verbeelding opgebouwd. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
De sterrennacht
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
De sterrennacht (La nuit étoilée), 1889
Landschap · 73,7 × 92,1 cm (29,0 × 36,3 in)
Post-Impressionisme
Museum of Modern Art (MoMA), New York, inv. 472.1941
Catalogustekst
De sterrennacht ontstond in juni 1889 in Saint-Rémy, waar Vincent van Gogh na een reeks crises rust en herstel zocht. Het doek van 73,7 bij 92,1 cm hangt in het Museum of Modern Art in New York. Vanuit het raam van zijn kamer keek Van Gogh uit over de heuvels en de omringende velden. Hij schilderde een nachthemel met elf sterren en een sikkelmaan boven een dorp. Het uitzicht uit zijn raam combineerde hij met verbeelding; het kerktorentje en de huizen schilderde hij grotendeels uit het geheugen.
De hemel beslaat het grootste deel van het doek van 73,7 bij 92,1 centimeter. Twee spiralen draaien door het midden, gezet in dikke, gedraaide toetsen die de verf reliëf geven. De sterren en de maan branden als gele schijven tegen het diepe blauw. Onderaan ligt het dorp stil, met een kerk waarvan de spits de horizon doorbreekt. Links rijst een donkere cipres op, een boom die Van Gogh in Saint-Rémy vaker schilderde. De korte, richtinggevende streken zetten het hele beeld in beweging.
Het werk hoort bij het Post-Impressionisme, waarin de kleur en de toets het gevoel dragen in plaats van de natuurgetrouwe weergave. De sterrennacht is een ander werk dan Sterrennacht boven de Rhône, dat Van Gogh een jaar eerder in Arles maakte en dat in het Musée d'Orsay hangt. Waar dat doek de gaslichten langs de Rhône weerspiegelt, is deze hemel grotendeels verbeeld. Het schilderij kwam in 1941 in het Museum of Modern Art via de nalatenschap van Lillie P. Bliss, een van de oprichters van het museum.
Vandaag hangt De sterrennacht in de collectie van het Museum of Modern Art in New York. Bij willem. wordt het als kunstreproductie in een beperkte oplage uitgevoerd, op aanvraag gedrukt in ons eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
Het post-impressionisme bouwde in de late negentiende eeuw voort op het impressionisme, maar zocht meer structuur en zeggingskracht. Kleur werd zelfstandig ingezet, los van de natuurlijke tint, de toets nadrukkelijk en de vorm vereenvoudigd. Gevoel en idee wogen weer volop mee. De schilders wilden niet langer alleen het licht van een moment vangen, maar het beeld een eigen, blijvende opbouw geven.
In deze verzameling staan Vincent van Gogh en Paul Gauguin voor die stap. Van Gogh bracht de verf in dikke, wervelende streken aan en liet de kleur het gevoel dragen. Gauguin werkte in grote, vlakke kleurvlakken en zocht een eenvoudiger, symbolische vorm. Hun werk vormde de brug tussen het impressionisme en de moderne kunst en inspireerde de expressionisten en de fauves die na hen kwamen.
Wie het post-impressionisme herkent, let op de zelfstandige, vaak onnatuurlijke kleur, de nadrukkelijke toets en de vereenvoudigde, stevige vorm. De term bundelt kunstenaars die ieder een eigen weg gingen, maar de waarneming achter zich lieten om het beeld op te bouwen. Hun vondsten vormden het vertrekpunt voor vrijwel alle stromingen van de vroege twintigste eeuw. Het verschil met het impressionisme is de rol van de waarneming: die blijft het vertrekpunt, maar is niet langer het doel.
Bron: Van Gogh Museum, Amsterdam.


