Een van de eerste wildernislandschappen van Thomas Cole: de zon komt op boven de Catskills, gezien vanaf een steile, hoge bergtop. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
Zonsopgang in de Catskills
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
Zonsopgang in de Catskills (Sunrise in the Catskills), 1826
Landschap · 64,8 × 90,1 cm (25,5 × 35,5 in)
Romantiek
National Gallery of Art, Washington D.C., inv. 1989.24.1
Catalogustekst
Zonsopgang in de Catskills toont het eerste ochtendlicht dat over de bergketen breekt, gezien vanaf Vly Mountain in de staat New York. Op de voorgrond staan verweerde boomstronken en een kale, door de wind gebogen den; daarachter zakken de dalen weg in ochtendmist die oplicht in de zon. Thomas Cole schilderde het werk in 1826, kort nadat hij zich als jonge landschapsschilder in New York had gevestigd.
Cole plaatst de kijker op een hoog en onbeschut punt, zonder pad of gebouw dat de blik geruststelt. De horizon ligt laag, waardoor de lucht en de opkomende zon bijna de helft van het doek vullen. De toets is fijn in de verte en ruwer op de voorgrond, waar de dode boomstam en de rotsen scherp tegen het licht afsteken. Die tegenstelling tussen de nauwkeurig getekende voorgrond en de vervloeide, met mist gevulde verte keert in Coles vroege landschappen telkens terug. Het origineel meet 64,8 bij 90,1 centimeter.
Het werk hoort bij de berglandschappen waarmee Cole in 1825 en 1826 in New York opviel en die de grondslag legden voor de Hudson River School, de eerste eigen landschapstraditie van de Verenigde Staten. Binnen de Romantiek koos Cole de ongerepte natuur als onderwerp, zonder de mens die haar bewoont. De Baltimorse verzamelaar Robert Gilmor jr. gaf de opdracht voor het doek, dat Cole op eerste kerstdag 1826 in Baltimore liet bezorgen.
Het schilderij bevindt zich in de collectie van de National Gallery of Art in Washington. Bij willem. wordt het als kunstdruk in beperkte oplage uitgevoerd, op aanvraag gedrukt in het eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
De romantiek zocht in de eerste helft van de negentiende eeuw het verhevene, de natuur en het gevoel. Weidse landschappen, dreigende storm en vervallen ruine roepen ontzag en weemoed op. De mens is er klein en alleen tegenover de oneindige natuur, die de schilders opvatten als een spiegel van de ziel. Tegenover de nuchtere rede stelde de stroming de verbeelding en de ervaring.
In deze verzameling staan Caspar David Friedrich, Thomas Cole en John Martin voor die houding. Friedrich schilderde stille figuren voor eindeloze luchten en zeeen. Cole bouwde weidse Amerikaanse landschappen op tot beelden van opkomst en verval. Martin gaf ramp en apocalyps een groots, theatraal decor. Hun licht en ruimte dragen een stille, bijna religieuze spanning die de latere landschapskunst diep heeft beinvloed.
Wie de romantiek herkent, let op de weidse ruimte, het dramatische licht en de kleine mens tegenover een overweldigende natuur. De stroming was een reactie op de nuchtere rede van de Verlichting en stelde daar gevoel en verbeelding tegenover. Haar opvatting van het landschap als drager van stemming en betekenis bleef de kunst van de negentiende en twintigste eeuw beinvloeden. Het realisme dat erop volgde, keerde de blik om: van het verhevene naar het gewone, van de storm naar de akker.
Bron: Hamburger Kunsthalle.




