De olijfbomen van Vincent van Gogh is het daglichtstuk dat hij naast De sterrennacht plaatste, een zuidelijke olijfgaard onder golvende bergen. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
De olijfbomen
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
De olijfbomen (Olive Trees with the Alpilles in the Background), 1889
landschap · 72,6 × 91,4 cm (28,6 × 36,0 in)
Post-Impressionisme
Museum of Modern Art (MoMA), New York, inv. 581.1998
Catalogustekst
De olijfbomen toont een olijfgaard bij Saint-Rémy, met kronkelende stammen onder golvende heuvels en een grote witte wolk. Vincent van Gogh schilderde het werk in de zomer van 1889, tijdens zijn verblijf in de inrichting even buiten het dorp. Hij trok met zijn ezel naar buiten en werkte de olijfbomen in de open lucht uit, in wisselend licht en op verschillende uren van de dag.
De compositie is opgebouwd uit brede, gebogen lijnen die de grond, de bomen en de bergen met elkaar verbinden. Van Gogh zette de verf in korte, richtingbepalende streken neer, zodat het loof, de aarde en de lucht dezelfde beweging krijgen. Het groen van de bladeren, het oranjeroze van de grond en het koele blauw van de bergen staan naast elkaar zonder in elkaar over te lopen. De olijfboom was voor hem een zuidelijk motief dat hij tegenover de amandel- en fruitbomen van het voorjaar plaatste.
Van Gogh bedoelde het doek als dagtegenhanger van De sterrennacht, met dezelfde soort bomen en heuvels, nu onder een heldere hemel in plaats van een wervelende nachthemel. Binnen zijn werk in Saint-Rémy vormen de olijfgaarden een aparte reeks van een stuk of vijftien doeken, die hij als samenhangend geheel zag. Het origineel meet 72,6 bij 91,4 centimeter, het liggende doekformaat dat hij in die maanden vaker gebruikte.
Het doek kwam in 1998 als schenking van Betsey Cushing Whitney, mevrouw John Hay Whitney, in de collectie van het Museum of Modern Art in New York. Het is daar te zien in de collectie van het Museum of Modern Art. Bij willem. wordt De olijfbomen als kunstreproductie in een oplage van honderd genummerde exemplaren uitgevoerd, op aanvraag gedrukt in het eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
Het post-impressionisme bouwde in de late negentiende eeuw voort op het impressionisme, maar zocht meer structuur en zeggingskracht. Kleur werd zelfstandig ingezet, los van de natuurlijke tint, de toets nadrukkelijk en de vorm vereenvoudigd. Gevoel en idee wogen weer volop mee. De schilders wilden niet langer alleen het licht van een moment vangen, maar het beeld een eigen, blijvende opbouw geven.
In deze verzameling staan Vincent van Gogh en Paul Gauguin voor die stap. Van Gogh bracht de verf in dikke, wervelende streken aan en liet de kleur het gevoel dragen. Gauguin werkte in grote, vlakke kleurvlakken en zocht een eenvoudiger, symbolische vorm. Hun werk vormde de brug tussen het impressionisme en de moderne kunst en inspireerde de expressionisten en de fauves die na hen kwamen.
Wie het post-impressionisme herkent, let op de zelfstandige, vaak onnatuurlijke kleur, de nadrukkelijke toets en de vereenvoudigde, stevige vorm. De term bundelt kunstenaars die ieder een eigen weg gingen, maar de waarneming achter zich lieten om het beeld op te bouwen. Hun vondsten vormden het vertrekpunt voor vrijwel alle stromingen van de vroege twintigste eeuw. Het verschil met het impressionisme is de rol van de waarneming: die blijft het vertrekpunt, maar is niet langer het doel.
Bron: Van Gogh Museum, Amsterdam.


