Jalais-heuvel, Pontoise van Camille Pissarro is een vroeg landschap uit 1867, door Émile Zola geroemd op de Salon van 1868. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
Jalais-heuvel, Pontoise
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
Jalais-heuvel, Pontoise (Jalais Hill, Pontoise), 1867
Landschap · 87 × 114,9 cm (34,3 × 45,2 inch)
Impressionisme
The Metropolitan Museum of Art, New York, inv. 51.30.2
Catalogustekst
Camille Pissarro (1830-1903) schilderde La Côte du Jalais, Pontoise in 1867, kort nadat hij zich in Pontoise had gevestigd, een stadje ten noordwesten van Parijs. Het werk toont een heuvellandschap waarin de velden oplopen naar de Jalais-heuvel, tussen het groen liggen de daken van enkele gehuchten, en daarboven strekt zich een brede lucht uit. De olieverf op doek meet 87 bij 114,9 centimeter.
De compositie is geordend in horizontale banden: bewerkte akkers op de voorgrond, de bebouwde helling in het midden, en een lucht die bijna de helft van het doek beslaat. Pissarro bouwde het landschap op met dichte, vlak aangezette verf en gedempte tonen van groen, oker en grijs, waarin de losse toets van het latere impressionisme nog niet overheerst. De opbouw verraadt zijn scholing bij Camille Corot, van wie hij het gewicht van de vaste vorm overnam.
Op de Salon van 1868 hing dit doek naast een tweede landschap van Pissarro, waar het de aandacht trok van de schrijver Émile Zola, die de nuchtere weergave van het moderne Franse platteland roemde. Het werk behoort tot een reeks Pontoise-gezichten waarmee Pissarro zich in de jaren vlak voor het rijpe impressionisme als landschapschilder vestigde. De ordening in vlakken en de aardse kleuren plaatsen het aan het begin van die ontwikkeling, jaren voordat hij zijn palet zou verhelderen.
Het schilderij kwam in 1929 in bezit van de verzamelaar William Church Osborn, die het in 1951 naliet aan het Metropolitan Museum of Art in New York; daar wordt het onder inventarisnummer 51.30.2 bewaard en gedocumenteerd in de collectie van het Metropolitan Museum of Art. Bij willem. wordt La Côte du Jalais, Pontoise als kunstreproductie in beperkte oplage uitgevoerd, op aanvraag gedrukt in het eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
Het impressionisme kwam op in het Parijs van de jaren zeventig van de negentiende eeuw en legde het vluchtige licht van een moment vast. De schilders werkten buiten, met losse toetsen en heldere, ongemengde kleur. Schaduwen zijn er niet zwart, maar gekleurd. Niet het onderwerp maar de waarneming van licht en atmosfeer stond voorop, wat destijds als schokkend onaf werd ervaren.
In deze verzameling staan Claude Monet en Camille Pissarro voor deze omslag in het kijken. Monet schilderde hetzelfde tafereel keer op keer, bij wisselend licht en weer. Pissarro bracht het land en de stad in beeld met een rustige, gelijkmatige toets. Zij schilderden de wereld zoals het oog haar op dat moment ving, en zetten daarmee de deur open naar de moderne kunst.
Wie het impressionisme herkent, let op de losse, zichtbare toets, de heldere kleur en de gekleurde schaduw. De schilders werkten vaak buiten en in reeksen, om hetzelfde tafereel bij wisselend licht vast te leggen. Wat eerst als onaf werd afgewezen, groeide uit tot een breed gewaardeerde stroming en tot het begin van de moderne schilderkunst. Wat erop volgde staat onder het post-impressionisme; het verschil met het latere expressionisme is dat de impressionist schildert wat het oog ziet en de expressionist wat het gevoel ermee doet.





