De kaartspelers van Theo van Doesburg toont twee rokende kaartspelers, een tafereel dat hij naar Cézanne stap voor stap tot een kubistische vormentaal terugbracht. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
De kaartspelers
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
De kaartspelers (Compositie IX), 1916–1917
Genrestuk · 126,2 × 156,2 cm (49,7 × 61,5 inch)
Kubisme
Kunstmuseum Den Haag, Den Haag, inv. AB4097
Catalogustekst
Theo van Doesburg schilderde De kaartspelers in 1916 en 1917, een doek van 126,2 bij 156,2 centimeter in olieverf en tempera, nu in Kunstmuseum Den Haag onder inventarisnummer AB4097. Het toont twee kaartspelende, rokende mannen aan een tafel. Kaarten en pijpen blijven zichtbaar, maar de figuren zijn opgebouwd uit hoekige vlakken en gebogen lijnen. Van Doesburg was Nederlands schilder, architect en theoreticus en bracht in deze jaren een herkenbaar tafereel stap voor stap tot een kubistische vormentaal terug.
De compositie ordent de twee gestalten in een raster van elkaar snijdende vlakken. Van Doesburg bouwde de mannen op uit segmenten die tussen figuur en achtergrond in staan, zodat armen, schouders en kaarten in dezelfde ritmiek meebewegen. De kleur blijft gedempt en aards. Het motief van de kaartspelers gaat terug op Cézanne, die hetzelfde onderwerp aan het einde van de negentiende eeuw meermaals schilderde.
Binnen het oeuvre markeert De kaartspelers de overgang van een herkenbaar figuurstuk naar zuivere abstractie. Een voorstudie voor het werk bevindt zich in het Kröller-Müller Museum en laat zien hoe Van Doesburg de compositie in etappes vereenvoudigde. Het doek behoort tot het kubistische deel van zijn werk.
Het schilderij bevindt zich in Kunstmuseum Den Haag, waar het tot de verzameling rond De Stijl hoort; het werk is te vinden in de collectie van Kunstmuseum Den Haag. Bij willem. is De kaartspelers verkrijgbaar als kunstreproductie in een beperkte oplage, op aanvraag gedrukt in het eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
Het kubisme brak vanaf 1907 in Parijs de vorm open in facetten en toonde een voorwerp vanuit meerdere gezichtspunten tegelijk. Ruimte en tijd raken zo in het platte vlak verweven. In Rusland ontstond kort daarna het kubo-futurisme, dat aan die ontleding de beweging en de energie van de moderne, machinale tijd toevoegde. Beide stromingen maakten de weg vrij naar de volledige abstractie.
In deze verzameling staan onder anderen Juan Gris, Jean Metzinger en Ivan Kliun voor deze vernieuwing. Gris gaf het kubisme een heldere, haast bouwkundige orde. Metzinger verbond de facetten met een fijne kleur. Kliun bracht de Russische variant naar de rand van het suprematisme. Zij ontleedden het zichtbare en gaven de schilderkunst een geheel nieuwe grammatica van vorm en ruimte.
Wie het kubisme herkent, let op de opgebroken vorm, de facetten en de gedempte, aardse kleuren van de vroege jaren. Het kubo-futurisme voegde daar meer kleur, ritme en beweging aan toe. Samen vormden zij de scharnier tussen de herkenbare wereld en de volledige abstractie, en hun ontleding van vorm en ruimte bleef de hele eeuw doorwerken. Het suprematisme zette de volgende stap: waar het kubisme het voorwerp ontleedt maar herkenbaar houdt, laat het suprematisme het voorwerp helemaal los.





