De val van Phaëton van Peter Paul Rubens toont hoe de zoon van de zonnegod de zonnewagen verliest en uit de hemel stort. Deze kunstreproductie wordt op aanvraag in ons atelier gedrukt in een oplage van honderd genummerde exemplaren en ingelijst aan huis bezorgd.
De val van Phaëton
Techniek, papier en lijst
Pigmentdruk op Hahnemühle Museum Etching, 350 g/m²: mat, zuurvrij, met een zichtbare vezelstructuur die de verfhuid van het origineel benadert. De lijst is een slanke, matzwarte aluminium profiellijst, in Nederland gemaakt. Geen glas: je kijkt naar het papier, niet naar je eigen spiegelbeeld.
Bezorging
Geen pakketje. Elk werk verlaat het atelier ingelijst, in een op maat gemaakte doos, en reist als vracht: niet gesorteerd, niet gestapeld, niet gegooid. Wij bezorgen aan huis, zodat het werk aankomt zoals het bij ons vertrok.
Waarom willem.
Eén papier, één lijst, één maatvoering die klopt. Wij kiezen vooraf, zodat je alleen nog het werk hoeft te kiezen. Geen eindeloze combinaties, geen twijfel: een verzameling oude meesters, gedrukt zoals ze het verdienen.
De val van Phaëton (The Fall of Phaeton), ca. 1604-1605
Mythologisch tafereel · 98,4 × 131,2 cm (38,7 × 51,7 in)
Barok
National Gallery of Art, Washington D.C., Washington D.C., inv. 1990.1.1
Catalogustekst
Peter Paul Rubens, van 1577 tot 1640 de leidende barokschilder van Antwerpen, begon De val van Phaëton omstreeks 1604 en 1605, vermoedelijk tijdens zijn jaren in Italië. Het doek toont het ogenblik waarop Phaëton, de zoon van de zonnegod, de wagen van zijn vader over de hemel stuurt en de macht over de paarden verliest. De dieren steigeren, de wagen kantelt en figuren tuimelen door een lucht vol bliksem. Rubens koos het hoogtepunt van de mythe, vlak voordat een bliksemschicht de wilde rit tot stilstand dwingt.
In de opbouw ontbreekt vrijwel elke rustige lijn. Bijna alles staat diagonaal, waardoor het beeld in beweging blijft en de val voelbaar wordt. Rubens zette scherpe overgangen tussen licht en donker in om de figuren naar voren te halen. De gespierde lichamen en de verwrongen paarden verraden zijn studie van de Italiaanse meesters; voor de dieren keek hij naar tekeningen die hij naar de verloren gegane veldslag van Leonardo da Vinci maakte.
De val van Phaëton hoort bij de vroege mythologische stukken waarmee Rubens de barok in de Zuidelijke Nederlanden vorm gaf. Kenmerkend voor die stroming zijn de beweging, de lichamelijkheid en de sterke lichtwerking, die hier al volgroeid aanwezig zijn. Het schilderij bleef niet zoals de schilder het eerst opzette. Rubens werkte het doek jaren later, vermoedelijk tussen 1606 en 1612, opnieuw door en bracht de wolkenpartij en verschillende figuren tot hun huidige vorm.
Vandaag maakt het werk, dat 98,4 bij 131,2 centimeter meet, deel uit van de collectie van de National Gallery of Art in Washington. Bij willem. wordt De val van Phaëton als kunstreproductie in beperkte oplage uitgevoerd, op aanvraag gedrukt in het eigen atelier in Nederland en binnen drie weken ingelijst aan huis bezorgd.
Over de stroming
De barok kwam op rond 1600 en beheerste de zeventiende-eeuwse schilderkunst. Kunstenaars zochten beweging, drama en een sterk contrast tussen licht en donker. Figuren komen uit een diep donker naar voren, gevangen op het hoogtepunt van hun handeling. Caravaggio bracht dat felle spotlicht in de schilderkunst; anderen namen het over en bouwden het uit tot grote, theatrale composities. Onderwerpen als religie, mythologie en het portret kregen zo een directe, lichamelijke kracht.
Binnen deze verzameling staan meesters die elk hun eigen omgang met het licht vonden. Rembrandt liet de blik en het innerlijk oplichten uit de schaduw; Rubens gaf zijn taferelen een volle, bewegelijke opbouw. De barok verbond een nauwkeurige weergave van stof en huid met een groot gevoel voor spanning en gebaar. Die combinatie van kijken en verbeelden bepaalde de schilderkunst tot ver in de achttiende eeuw en werkt nog altijd door.
Wie de barok herkent, let op het spel van fel licht en diepe schaduw, op de schuine opbouw en op het gevangen moment van hoogste spanning. Vanuit Italie verspreidde de stijl zich over heel Europa, van Spanje tot de Nederlanden, en kreeg in elke school een eigen toon. In deze reeks komen die verschillende handen bij elkaar, telkens herkenbaar aan hetzelfde gevoel voor drama en licht. Verwant in het gebruik van licht en drama is de romantiek, twee eeuwen later; het verschil is dat de barok de handeling toont en de romantiek de stemming.
Bron: Rijksmuseum, Amsterdam.





